Het vijandige universum van H.P. Lovecraft

Gastauteur: Pyt van der Galiën

The most merciful thing in the world, I think, is the inability of the human mind to correlate all its contents… some day the piecing together of dissociated knowledge will open up such terrifying vistas of reality, and of our frightful position therein, that we shall either go mad from the revelation or flee from the light into the peace and safety of a new Dark Age.”

H. P. Lovecraft – The Call of Cthulhu

Hij stierf zo arm als een kerkrat en kwam tijdens zijn leven nooit verder dan de pagina’s van pulpmagazines als Weird Tales en Astounding Stories. In 1945 – acht jaar na zijn dood – schreef de criticus Edmund Wilson dat de echte horror van zijn werk bestond uit “the horror of bad taste and bad art.” Tachtig jaar na zijn dood kent elke nerd op het internet zijn naam en is hij opgenomen in The Library of America, tussen Edgar Allan Poe, Herman Melville en – jawel – Edmund Wilson.

Over het leven van H.P. Lovecraft

Howard Phillips Lovecraft werd geboren in 1890 in Providence, Rhode Island, als zoon van Sarah Susan Phillips Lovecraft en Winfield Scott Lovecraft. Toen hij drie jaar oud was, kreeg zijn vader een zenuwinzinking. Winfield Lovecraft werd opgenomen in een inrichting, waar hij vijf jaar later overleed, waarschijnlijk aan de gevolgen van syfilis. Lovecraft werd verteld dat zijn vader in een coma was geraakt, de waarheid heeft hij nooit te horen gekregen. Zijn moeder was niet in staat de ziekte en dood van haar man te verwerken en ontwikkelde een pathologische haat-liefde relatie met haar zoon.
Als kind was Lovecraft ziekelijk en leed hij aan nachtmerries. Van die nachtmerries zou hij zijn hele leven last blijven houden, al vormden ze tegelijk een belangrijke inspiratiebron voor zijn verhalen. Lovecraft was een formidabele autodidact die zichzelf Grieks, Latijn, wiskunde en natuurkunde leerde. Het beeld van Lovecraft als romanticus en anti-modernist die vluchtte in esoterie en mysticisme is beslist onjuist. Hij las Freud en Proust, citeerde Einstein en kon met fysici discussiëren over de destijds ultramoderne kwantummechanica. In de jaren ’30 raakte hij diep onder de indruk van de gevolgen van The Great Depression en ontwikkelde hij zich van conservatief tot gematigd socialist en supporter van Roosevelt’s New Deal. ,

Een vaste betrekking heeft Lovecraft nooit gehad. Zijn brood verdiende hij met de verkoop van horror- en SF-verhalen aan pulpmagazines. Tot diep in de jaren ’30 verdiende hij daar een goede boterham mee, echte armoede heeft hij alleen gedurende zijn laatste levensjaren gekend. Toen zijn verhalen tegen het einde van zijn leven steeds langer en complexer werden, pasten ze minder goed in het format van de pulps en werd het lastiger ze te slijten.

De laatste jaren

De laatste jaren van zijn leven waren vol ellende. Hij was gedwongen zichzelf in leven te houden met ghost writing en de revisie van oude verhalen, zijn vriend Robert Ervin Howard (schepper van Conan the barbarian) pleegde zelfmoord en Lovecraft zelf kreeg darmkanker. Toen de ziekte bij hem gediagnosticeerd werd, was ze al te ver voortgeschreden om nog succesvol behandeld te kunnen worden. Ondanks toenemende pijn probeerde Lovecraft gedurende de winter van ’36-’37 door te werken, maar op 10 maart 1937 was hij gedwongen zich op te laten nemen in het ziekenhuis, waar hij vijf dagen later overleed.

Op zijn sterfbed moet Lovecraft gedacht hebben dat hij als schrijver mislukt was. Tijdens zijn leven was hij er niet in geslaagd een boek gepubliceerd te krijgen en zijn laatste verhalen kon hij zelfs aan de pulpmagazines niet meer kwijt. Dat Lovecraft niet een vergeten pulpwriter is, maar inmiddels deel uitmaakt van de Grote Amerikaanse Literaire Canon is in de eerste plaats te danken aan zijn vriend en bewonderaar August Derleth. Derleth was vastbesloten Lovecraft’s werk voor de vergetelheid te behoeden en richtte speciaal voor dat doel de uitgeverij Arkham House op. Dat gezegd zijnde was het Derleth natuurlijk niet gelukt Lovecraft voor de vergetelheid te behoeden indien hij niet méér was geweest dan een ordinaire pulpwriter.

Kosmisch pessimisme

In zijn essay “Notes on writing weird fiction” schrijft Lovecraft: “Fear is our deepest and strongest emotion, and the one which best lends itself to the creation of nature-defying illusions. Horror and the unknown or the strange are always closely connected, so that it is hard to create a convincing picture of shattered natural law or cosmic alienage or “outsideness” without laying stress on the emotion of fear”.

Lovecraft was niet geïnteresseerd in angst als doel, maar in angst als middel. Lovecraft schildert het heelal af als een gruwelijk oord, een slagveld voor oude goden en monsterlijke aliens. In Lovecraft’s heelal is de mens minder dan een vlek en de Aarde niet meer dan een tijdelijk toevluchtsoord. De kosmos wordt geregeerd door krachten die op zijn best onverschillig zijn en op zijn slechtst actief vijandig. In “the centre of infinity” leeft de schepper-god Azathoth, “that monstrous nuclear chaos beyond angled space which the Necronomicon had mercifully cloaked under the name of Azathoth”, een blinde, debiele godheid die zich niet bewust is van zijn schepping. Azathoth heeft een eigen wil, maar zijn motieven zijn voor mensen niet te begrijpen. Elke poging Azathoth te begrijpen leidt onherroepelijk tot waanzin. Waanzin is in zekere zin een vorm van genade: het alternatief is existentiële wanhoop. Wanneer Lovecraft’s helden naar het universum kijken, zien ze geen schoonheid en wonderen, maar gruwelen; geen orde, maar chaos. Orde is een illusie en achter de schoonheid van de fonkelende sterren verbergen zich amorfe gruwelen die ons begripsvermogen verre te boven gaan. Wanneer ze ’s avonds naar de sterrenhemel kijken ervaren Lovecraft’s helden geen sense of wonder, maar staren ze in de afgrond.

In tegenstelling tot de meeste andere horror zijn bij Lovecraft de gruwelen geen afwijkingen van het patroon; ze zijn het patroon. Lovecraft’s verhalen kennen dan ook geen helden. Zijn hoofdpersonen worden gedreven door angst en de zucht naar kennis, niet door het streven het kwaad te bestrijden of een kosmisch evenwicht te herstellen, zoals Stephen King’s held Roland Deschain uit The Dark Tower. Zelfs hun zucht naar kennis komt uiteindelijk voort uit angst. Lovecraft’s “helden” vermoeden dat zich buiten hun gezichtsveld angstaanjagende vormen bevinden. Om daarover zekerheid te verwerven gaan ze op onderzoek uit. Des te te meer kennis ze verwerven, des te angstiger ze worden, maar ook des te minder ze in staat zijn hetgeen ze waarnemen te beschrijven. In een wanhopige poging datgene uit te drukken wat eigenlijk niet in taal uitgedrukt kan worden, wordt adjectief op adjectief gestapeld. Aan het slot van vrijwel elk verhaal wordt het beeld van een ordelijk universum vernietigd en ontdekken Lovecraft’s helden dat de kern van het universum een blinde, debiele chaos is. Er valt geen patroon te herstellen, want er is geen patroon. Wanneer ze zich dit realiseren sterven Lovecraft’s helden of vluchten ze in“genadige waanzin”. Ze hebben een grens overschreden die de mens niet geacht wordt te overschrijden, iets gedaan waarop het menselijk brein niet berekend is: “The most merciful thing in the world..is the inability of the human mind to correllate all it’s contents”.

Lovecraft’s universum is het nihilistische universum van De Sade:

The time would be easy to know, for then mankind would have become as the Great Old Ones; free and wild and beyond good and evil, with laws and morals thrown aside and all men shouting and killing and revelling in joy. Then the liberated Old Ones would teach them new ways to shout and kill and revel and enjoy themselves, and all the earth would flame with a holocaust of ecstasy and freedom”. (The Call of Cthulhu)

Maar Lovecraft is een puritein, geen libertijn: wat door de helden van De Sade vol vreugde omhelst wordt, drijft de helden van Lovecraft tot waanzin. Het is deze visie van een amoreel universum, een universum waarin de chaos regeert, die Lovecraft’s verhalen zo angstaanjagend maakt. Er zijn geen geesten om te verdrijven en geen seriemoordenaars om te ontmaskeren. In Lovecraft’s universum is de schurk de fundamentele structuur van het universum zélf.

Advertenties

8 thoughts on “Het vijandige universum van H.P. Lovecraft

  1. Ha, het mooie brein van Lovecraft.
    Hij zou de absolute bestseller onder de plotgekkies zijn wanneer ze iets vaker naar de bibliotheek zouden zijn gegaan.

    Een van mijn favorieten:

    “Religion is still useful among the herd – that it helps their orderly conduct as nothing else could. The crude human animal is in-eradicably superstitious, and there is every biological reason why they should be.
    Take away his Christian god and saints, and he will worship something else…”

  2. Mooi stuk! Inspireert me om mijn geschiedenis van het moderne occultisme, waar ik afgelopen jaar aa begon eens af te maken, want daarin neemt het Necronomicon een belangrijke rol in. Eén puntje: ik denk niet dat het universum van Lovecraft nihilistisch is (ondanks het feit dat hijzelf atheïstisch en materialistisch was), maar chthonisch ipv olympisch. Godheden als Cthulhu, Nyarlathotep en Azathoth hebben een duidelijk te onderscheiden functie en moraal, ze staan wel degelijk voor een bepaald soort kosmische ordening. Er zijn zelfs mensen die daar een religieus/magisch systeem van maakten. Hier is daar een mooi essay over, van Donald Tyson:

    Om Algernon Blackwood te citeren, die Lovecraft aanhaalt in zijn The call of Cthulhu:

    Of such great powers or beings there may be conceivably a survival.. a survival of a hugely remote period when…. consciousness was manifested, perhaps, in shapes and forms long since withdrawn before the tide of advancing humanity.. forms of which poetry and legend alone have caught a flying memory and called them gods, monsters, mythical beings of all sorts and kinds…

    • Dat moet je zeker doen @Dorothy, onder het heel mooie verhaal staan ook twee linkjes naar korte films van Lovecraft.

  3. @Dorothy

    Het werk van Lovecraft bevindt zich in het pubieke domein. Je vindt het hier. Op deze site vind je het originele werk van Lovecraft. Veel verhalen die onder zijn naam gepubliceerd zijn- met name door August Derleth – zijn gebaseerd op aantekeningen en ruwe schetsen van Lovecraft.. De werkelijke bijdrage van Lovecraft aan die verhalen is minimaal.

    The Colour out of Space is misschien wel het beste beginpunt: heel subtiele en suggestieve horror. The Shadow out of Time is een visioen van de opkomst en ondergang van vreemde beschavingen, sterk beïnvloed door het werk van Olaf Stapledon.

    Veel plezier:)

Reacties zijn gesloten.